Skip to main content
Skip to main content Hulpmiddelen Woordenlijst

Hulpmiddelen

Belangrijkste gereedschappen

  • Wat wordt er van bedrijven verwacht?
  • Hoe aan de verwachtingen voldoen?
  • Verhaalmechanismen
  • Woordenlijst

Main navigation

Toolbox Logo
  • Toolbox Logo
  • Startpagina
  • Over
  • Woordenlijst
  • Test
  • Zoeken
    • EN
    • |
    • NL
    • |
    • FR
News icon

Hoe aan de verwachtingen voldoen?

News banner
Due Diligence Een veranderend instrumentarium Rapportage over mensenrechten

Due Diligence

Intro Risico's identificeren en prioriteren Actie ondernemen Volgen en bewaken Herstel Due diligence communiceren Integratie in managementsystemen
Dit deel van het instrumentarium biedt een beknopte en toegankelijke inleiding tot de zes due diligence-stappen van de OESO; en een selectie van gratis, praktische hulpmiddelen die je kunt gebruiken om elke stap in de praktijk te brengen.
1

Risico's identificeren en prioriteren

2

Actie ondernemen

3

Volgen en bewaken

4

Herstel

5

Due diligence communiceren

6

Integratie in managementsystemen

De UN Guiding Principles on Business and Human Rights (UNGP's) en de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen plaatsen due diligence in het hart van verantwoord ondernemen. Ze verduidelijken waarom due diligence belangrijk is, maar bieden een beperkte praktische leidraad over hoe het moet worden uitgevoerd. Om die leemte op te vullen, heeft de OESO de Due Diligence Handreiking voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen opgesteld.

Zes stappen van due diligence: inleiding

Deze leidraad splitst due diligence uit in een proces van zes stappen (zie figuur) en is aangepast tot sectorspecifieke leidraden voor sectoren als grondstoffen, landbouw, kleding en schoeisel, en de financiële sector. Toch vinden veel bedrijven - vooral kleinere - de OESO-leidraad moeilijk om te begrijpen en toe te passen. In de loop der jaren is er een reeks andere instrumenten en bronnen ontwikkeld om het proces praktischer te maken.

Algemene due diligence-richtlijnen:

  • OESO (2018). Due Diligence Handreiking voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen van de OESO

    Voor een overzicht van het werk van de OESO, inclusief sectorale leidraad, zie https://www.oecd.org/en/topics/due-diligence-for-responsible-business-conduct.html

  • Ethical Trading Initiative (2016). Human Rights Due Diligence Framework
  • Shift, Global Compact Network Netherlands, & Oxfam (2016). Doing Business with Respect for Human Rights
  • Due Diligence Toolbox voor kmo's ontwikkeld door de Belgische overheid
Het OESO-kader met zes stappen

Figuur 1: Het OESO-kader met zes stappen (bron: OESO (2018). Due Diligence Handreiking voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen)

Belangrijkste principes van due diligence op basis van risico's

Alvorens in te gaan op de eigenlijke due diligence-processen, is het de moeite waard om enkele kernideeën achter due diligence op het gebied van mensenrechten, zoals uiteengezet in de UNGP's en de OESO-richtlijnen, in herinnering te brengen:

1

Het gaat om risico's voor mensen (en het milieu), niet (alleen) om risico's voor het bedrijf.

2

Het omvat de volledige waardeketen. Dit betreft upstream (toeleveringsketens), eigen activiteiten en downstream (productgebruik, afvalverwerking, recycling, enz.).

3

Due diligence is een doorlopend, geen eenmalig proces. Risico's veranderen na verloop van tijd en vooruitgang kan traag verlopen, dus due diligence moet een continu proces zijn.

4

Het moet zich richten op waar de schade het grootst kan zijn. Geef prioriteit aan risico's die het ernstigst zijn of waarvan de kans op daadwerkelijke gevolgen het grootst is.

5

Het moet in verhouding staan tot de omvang en het risico. Hoewel alle bedrijven een verantwoordelijkheid hebben om mensenrechten te respecteren, zijn de verwachtingen anders voor grotere bedrijven, maar ook voor bedrijven die onevenredig blootgesteld zijn aan risico's.

6

Samenwerking met belanghebbenden is cruciaal. Bedrijven die aan due diligence doen, moeten zich inspannen om contact te leggen met degenen die mogelijk negatieve gevolgen ondervinden van hun activiteiten of die van hun zakenpartners. Dit kunnen werknemers of gemeenschappen zijn, maar mogelijk ook eindgebruikers van producten of diensten. De samenwerking met belanghebbenden moet een rol spelen in alle due diligence-processen, van het identificeren en prioriteren van risico's, via inspanningen om risico's te beperken, tot de manier waarop de resultaten van due diligence worden gecommuniceerd. Als rechtstreekse samenwerking met (mogelijk) getroffen belanghebbenden niet mogelijk is, kunnen betrouwbare tussenpersonen zoals vakbonden of ngo's optreden als tussenpersoon tussen bedrijven en mogelijk getroffen belanghebbenden.

Risico's identificeren en prioriteren

Risico's voor de waardeketen identificeren

Veel mensen gaan ervan uit dat due diligence beperkt is tot de upstream toeleveringsketens en dat elke schakel in kaart moet worden gebracht voor volledige transparantie van de toeleveringsketen. In werkelijkheid houdt due diligence in dat je kijkt naar risico's in je hele waardeketen: upstream, eigen activiteiten en downstream. En hoewel het belangrijk is om je toeleveringsketen te kennen, is transparantie van begin tot eind geen strikte vereiste. De sleutel is niet om te wachten op volledige transparantie alvorens te handelen. In veel gevallen is volledige transparantie misschien nooit mogelijk, maar dat mag je er niet van weerhouden om risico's nu aan te pakken.

Het advies van de OESO is om te beginnen met het op hoog niveau in kaart brengen van een typische waardeketen voor je product of dienst, inclusief de belangrijkste stadia, activiteiten, soorten actoren en waarschijnlijke locaties. Maak van daaruit gebruik van de beschikbare bronnen om te scannen op potentiële risico's voor mensenrechten. Na verloop van tijd kun je dit in kaart brengen verfijnen, van een algemeen beeld naar een meer gedetailleerd beeld.

Op hoog niveau in kaart brengen van de waardeketen voor een producent van stalen frames

Figuur 1: Op hoog niveau in kaart brengen van de waardeketen voor een producent van stalen frames (zelf uitgewerkt - Boris Verbrugge)

Nuttige bronnen:

  • Open Supply Hub: gezamenlijk platform voor het in kaart brengen van de toeleveringsketen
  • OEC Product Explorer: kan je helpen bij het verkennen van mogelijke bevoorradingslocaties voor een breed scala aan producten
  • BAFA (2024). BAFA Risikodatenbank: Quellenübsersicht

    Uitstekend overzicht van gratis hulpmiddelen voor risicobeoordeling (in het Duits).

Risico's beoordelen en prioriteren

Risicogebaseerde due diligence gaat over het concentreren van de inspanningen op die gebieden waar de risico's het grootst zijn. De meeste bedrijven kunnen niet alle risico's tegelijk aanpakken en moeten prioriteiten stellen. Volgens de UNGP's en de OESO moet prioritering gestuurd worden door twee belangrijke factoren:

  1. De ernst van risico's: verwijst naar het aantal mensen dat (mogelijk) wordt getroffen, de ernst van de (potentiële) schade en het gemak waarmee (potentiële) negatieve gevolgen (gemakkelijk) kunnen worden verholpen.
  2. De kans dat risico's zich ontwikkelen tot negatieve gevolgen. De waarschijnlijkheid kan afhangen van een groot aantal factoren: geografie, type product en activiteiten (bijv. arbeidsintensief vs. kapitaalintensief), bestaande inspanningen op het gebied van risicobeheer, ... Zoals besproken in hoofdstuk 5 zijn sommige sectoren gevoeliger voor mensenrechtenrisico's dan andere.

Nuttige bronnen:

Ernst en waarschijnlijkheid komen niet alleen voor in de UNGP's en de OESO-richtlijnen, maar hebben ook hun weg gevonden naar de richtlijn duurzaamheidsrapportering door bedrijven en de bijbehorende Europese standaarden voor duurzaamheidsrapportage. Specifiek spelen beoordelingen van de ernst en waarschijnlijkheid een sleutelrol in de dubbele materialiteitsbeoordeling waarmee bedrijven moeten vaststellen over welke duurzaamheidsonderwerpen ze moeten rapporteren. EFRAG, het orgaan dat verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van de ESRS, heeft implementatierichtlijnen ontwikkeld ter ondersteuning van beslissingen over de ernst en waarschijnlijkheid.

  • EFRAG (2024). EFRAG IG1: Materiality Assessment Implementation Guidance
  • EFRAG (2024). EFRAG IG 2: Value Chain Implementation Guidance

Een nuttig concept om prioritering te begeleiden (dat ook naar voren wordt gebracht in EFRAG's Value Chain Implementation Guidance) is dat van hotspots in waardeketens: combinaties van producten, activiteiten, regio's en/of actoren waar de risico's onevenredig hoger zijn. Als we bijvoorbeeld naar figuur 1 kijken, zou een mogelijke hotspot "staalproductie-gezondheidseffecten-India" kunnen zijn.

Wanneer bedrijven duidelijk zijn blootgesteld aan ernstige en waarschijnlijke risico's, kunnen meer diepgaande Human Rights Impact Assessments (HRIA's) worden verwacht. HRIA's zijn uitgebreidere studies die gericht zijn op het identificeren en meten van (potentiële) gevolgen voor mensenrechten van beleid, activiteiten, programma's of projecten in specifieke contexten of locaties, op basis van een bepaalde methodologie.

Nuttige bronnen:

  • Het Deense Instituut voor Mensenrechten heeft een "Human Rights Impact Assessment Guidance and Toolbox" ontwikkeld
  • Oxfam (2023). Human Rights Impact Assessment Framework

Actie ondernemen om risico's aan te pakken

Zodra de prioriteiten zijn vastgesteld, moeten bedrijven actie ondernemen om ze aan te pakken. Welke acties gepast zijn, hangt af van hoe bedrijven beïnvloed worden door (potentiële) negatieve effecten. Volgens de OESO en de UNGP's moeten bedrijven die rechtstreeks nadelige gevolgen veroorzaken of daartoe bijdragen onmiddellijk actie ondernemen om de schade te stoppen, te voorkomen of - indien nodig - te herstellen. Als bedrijven er bijvoorbeeld niet in slagen om werknemers die met gevaarlijke chemische stoffen werken van de juiste gezondheids- en veiligheidsuitrusting te voorzien, moeten ze de activiteiten die acute gevolgen voor de gezondheid en veiligheid hebben (tijdelijk) stopzetten totdat de situatie is rechtgezet.

Als bedrijven via zakenpartners te maken hebben met (mogelijke) nadelige gevolgen - bijvoorbeeld een leverancier die met onderaannemers werkt met ongedocumenteerde migranten in dienst die tegen zeer lage lonen werken - dan moeten ze proberen invloed uit te oefenen op deze zakenpartners om ervoor te zorgen dat ze passende maatregelen nemen om schade te voorkomen. Bedrijven kunnen op verschillende manieren invloed uitoefenen. Hier richten we ons op vier belangrijke trajecten:

  1. Druk via contracten: Mensenrechtenclausules kunnen worden opgenomen in contracten en leverancierscodes. Clausules zijn het meest effectief als ze worden ondersteund door geloofwaardige monitoring en herstelmaatregelen en als ze een gedeelde verantwoordelijkheid tussen kopers en leveranciers weerspiegelen.
  2. Inkoopkracht: Aankopen kunnen worden gebruikt om mensenrechten te bevorderen. Hoewel sommige bedrijven ervoor kunnen kiezen om geen zaken te doen met leveranciers met een hoog risico, leidt dit zelden tot een verbetering van de omstandigheden ter plaatse en zou dit het laatste redmiddel moeten zijn. In plaats daarvan kunnen betrokkenheid van leveranciers en positieve prikkels, zoals betere betalingsvoorwaarden of de status van voorkeursleverancier, effectiever zijn.
  3. Capaciteitsopbouw: Bedrijven kunnen toeleveranciers ondersteunen door gerichte ondersteuning aan te bieden, zoals trainingen op het gebied van gezondheid en veiligheid op het werk, of trainingen over het bewustzijn van mensenrechten. Dit helpt bij het opbouwen van lokale capaciteit om risico's te voorkomen en aan te pakken.
  4. Collectieve actie: In plaats van alleen te werken, kunnen bedrijven hun invloed vergroten door samen te werken met anderen, via sectorinitiatieven, multi-stakeholder platforms of partnerschappen met vakbonden en ngo's.

De standaardpraktijk is lange tijd geweest om te vertrouwen op traject 1-top-down contractuele vereisten die al dan niet kunnen worden afgedwongen door middel van audits, soms gecombineerd met traject 2-integratie van mensenrechten in het inkoop- en leveranciersmanagement. In sommige sectoren (bijv. de goudindustrie) heeft due diligence geleid tot het vermijden van risico's, waarbij bedrijven risicovolle actoren zoals ambachtelijke mijnwerkers mijden.

De laatste jaren groeit het besef dat top-down due diligence-benaderingen, waarbij de handhaving eenzijdig op de toeleveranciers wordt afgewenteld, niet doeltreffend zijn om de risico's voor de mensenrechten te beperken. Deze benaderingen sluiten trajecten 1 en 2 niet uit, maar verschuiven de balans naar trajecten 3 en 4 door de nadruk te leggen op lastenverdeling, verantwoord contracteren, samenwerking met belanghebbenden en capaciteitsopbouw. Bovendien wordt steeds meer erkend dat wanneer zakenrelaties opzeggen onvermijdelijk is, dit gebaseerd moet zijn op duidelijke criteria, na oprechte inspanningen om de schade te beperken en met aandacht voor mogelijke gevolgen voor betrokken belanghebbenden.

Nuttige bronnen:

  • Toolkit voor verantwoord contracteren
  • Better Buying Research en instrumenten
  • Fair Wear (2018). Responsible Exit Strategy Guidelines

Volgen en bewaken

De OESO-leidraad en de UNGP's onderstrepen hoe belangrijk het is om de effectiviteit te volgen van bedrijfsacties om mensenrechtenrisico's aan te pakken. Sociale audits blijven het meest gebruikte instrument om de naleving van mensenrechten in waardeketens te monitoren. Audits kunnen bedrijven helpen meer inzicht te krijgen in meer zichtbare mensenrechtenkwesties, zoals naleving van gezondheids- en veiligheidsstandaarden. Toch krijgen ze steeds meer kritiek omdat ze oppervlakkig zijn, weinig plaatsvinden en gevoelig zijn voor belangenconflicten. In veel gevallen bevatten sociale audits geen zinvolle input van (mogelijk) betrokken belanghebbenden. Bovendien kunnen audits ook duur en belastend zijn, vooral voor kmo's.

Daarom groeit de belangstelling voor alternatieve bewakingsmechanismen. Aan de ene kant zijn er monitoringinitiatieven die de betrokken belanghebbenden (met name werknemers) centraal stellen bij de monitoringinspanningen. Aan de andere kant is er een groeiende belangstelling voor het gebruik van digitale bewakingstools.

Nuttige bronnen:

  • Over werknemergestuurde monitoring
  • Human Rights Watch (2022). Obsessed with audit tools, missing the goal

Herstel

Zelfs als bedrijven te goeder trouw aan due diligence doen, kunnen ze toch in verband worden gebracht met nadelige gevolgen voor de mensenrechten. In dergelijke gevallen wordt van hen verwacht dat ze helpen om de schade te herstellen. Ook hier hangt het gepaste herstel af van het type en de mate van betrokkenheid. Als een bedrijf direct negatieve effecten veroorzaakt of daartoe bijdraagt, wordt verwacht dat het direct toegang biedt tot herstel of daaraan bijdraagt. Als een bedrijf via een derde partij betrokken is bij een effect, moet het proberen een druk uit te oefenen om herstel door deze derde partij aan te moedigen en te ondersteunen.

Herstel kan verschillende vormen aannemen (niet uitputtend):

  • Financiële schadeloosstelling (bijv. voor onbetaald loon of medische kosten);
  • Rehabilitatie en herstel (bijv. gemeenschappen weer toegang geven tot water of land);
  • Publieke verontschuldigingen en erkenning van schade;
  • Veranderingen in beleid of praktijken (bijv. het beëindigen van uitbuitende aankooppraktijken).

Wat de vorm ook is, herstel moet altijd gebaseerd zijn op samenwerking met de betrokken belanghebbenden. Dit betekent dat werknemers, gemeenschappen of consumenten betrokken moeten worden bij het identificeren van passende resultaten, in plaats van alleen maar oplossingen op te leggen.

Klachtenmechanismen op operationeel niveau (OLGM's)

OLGM's zijn door het bedrijf opgezette of gefaciliteerde mechanismen die (mogelijk) getroffen belanghebbenden in staat stellen hun zorgen kenbaar te maken en herstel te zoeken. Ze komen niet in de plaats van herstel, maar maken herstel in de praktijk mogelijk door problemen vroegtijdig te identificeren en door bedrijven in staat te stellen te reageren voordat de schade escaleert. Om effectief te zijn, moeten OLGM's aan een aantal eisen voldoen.

Nuttige bronnen:

  • BSR (2021). Access to Remedy
  • Ethical Trading Initiative (2019). Access to remedy: Practical guidance for companies
  • Verenigde Naties (2024). Access to Remedy in Cases of Business-Related Human Rights Abuse

Due diligence communiceren

Communicatie is de sleutel tot het opbouwen van vertrouwen en het bevorderen van de dialoog. Hoewel communicatie steeds meer wordt gelijkgesteld aan formele rapportage, mogen bedrijven bredere, voortdurende communicatie-inspanningen niet uit het oog verliezen.

Wat en hoe een bedrijf moet communiceren, hangt af van de context en het publiek. Hoewel communicatie-inspanningen meer of minder uitgebreid kunnen zijn, zijn de belangrijkste elementen onder andere:

  • Een publiek engagement naar mensenrechten toe;
  • Een uitleg van (potentiële) gevolgen waarmee het bedrijf in verband kan worden gebracht en hoe deze worden geïdentificeerd;
  • Een overzicht van hoe het bedrijf deze risico's probeert aan te pakken.

Bedrijven kunnen verschillende communicatiekanalen gebruiken. Als algemene regel geldt dat communicatie toegankelijk moet zijn voor degenen die mogelijk invloed ondervinden van de activiteiten van het bedrijf.

  • Een speciale sectie in een formeel duurzaamheidsrapport, al dan niet afgestemd op de standaarden voor duurzaamheidsrapportage
  • Een speciale sectie op de website van het bedrijf;
  • Gerichte communicatie met belanghebbenden, zoals op maat gemaakte updates voor werknemers of zakenpartners;
  • Briefings voor investeerders;
  • Klantgerichte communicatie, zoals posts op sociale media.

Due diligence integreren in managementsystemen

De OESO benadrukt dat verantwoordelijk zakelijk gedrag moet worden ingebed in de manier waarop bedrijven werken. Dit betekent due diligence integreren in beleid, structuren en managementsystemen. Integratie omvat meestal verschillende componenten:

  1. Duidelijke beleidstoezeggingen ontwikkelen over mensenrechten die op het hoogste niveau zijn goedgekeurd, die verwijzen naar belangrijke internationale standaarden en die publiekelijk worden gecommuniceerd.
  2. Verantwoordelijkheid toewijzen. Er moet een persoon of team worden aangewezen om toezicht te houden op de implementatie van due diligence. Idealiter valt due diligence niet onder de verantwoordelijkheid van één afdeling, maar wordt er samengewerkt tussen verschillende afdelingen, waaronder duurzaamheid, juridisch/compliance, risicobeheer, aankoop, HR en operations. In kleinere bedrijven kan dit worden gedaan door één persoon die meerdere petten opzet. In beide gevallen moet het verantwoordelijke personeel over voldoende middelen en ondersteuning beschikken om deze verantwoordelijkheid op zich te nemen.
  3. Leiderschap betrekken. Leiderschap speelt een belangrijke rol om de toon te zetten en ervoor te zorgen dat respect voor mensenrechten onderdeel wordt van de bedrijfscultuur. Leiders moeten inzicht hebben in de belangrijkste risico's van het bedrijf op het gebied van mensenrechten en moeten hun inzet tonen om deze risico's aan te pakken, bijvoorbeeld in openbare verklaringen of door de juiste interne incentives te creëren.
  4. Due diligence inbedden in de dagelijkse activiteiten. Daarvoor moet risico-identificatie en -beperking worden geïntegreerd in belangrijke bedrijfsprocessen, zoals aankoop, fusies of productontwerp. Het betekent ook het regelmatig delen van informatie tussen afdelingen.
  5. Due diligence integreren in managementsystemen. Due diligence moet met name worden afgestemd op risicomanagementsystemen en rapportageprocessen van de onderneming, waar deze aanwezig zijn.

Nuttige bronnen:

  • CSR Europe (2016). Blueprint for Embedding Human Rights in Key Company Functions
  • UN Global Compact (2014). Organizing the Human Rights Function within a Company
  • UN Global Compact (2015). How to Develop a Human Rights Policy. A Guide for Business

Deze website is eigendom van het Federaal Instituut voor Duurzame Ontwikkeling.

Neem contact op voor meer informatie of feedback over de inhoud: businessandhumanrights@fido.fed.be

Met de steun van de Raad van Europa

Coördinatie: HIVA Onderzoeksinstituut voor Werk en Samenleving

Belgium official logo

Andere officiële informatie en diensten: www.belgium.be

© 2025 Federaal Instituut voor Duurzame Ontwikkeling | Developed by spontan.agency

Privacybeleid

Gebruiksvoorwaarden

Cookiebeleid

We use cookies on this site to enhance your user experience By clicking any link on this page you are giving your consent for us to set cookies.

Feedback